Grote zuil ter nagedachtenis van de Franse soldaten gesneuveld in de gevechten in Heuvelland
| Straat | Kemmelberg |
| Postcode | 8950 |
| Gemeente | Heuvelland |

In een poging om Ieper door een massale aanval vanuit het zuiden in te nemen, waren de Duitse troepen op 18 april 1918 opgerukt tot aan de zuidelijke voet van de Kemmelberg. In hun opmars hadden ze enkele dagen voordien reeds Nieuwkerke, Wulvergem, Mesen en Wijtschate veroverd. Hun troepenmacht bestond uit vijf divisies en drie reserve-divisies. Op de Kemmelberg bevonden zich twee Franse divisies (nl. de 28ste en de 154ste divisie) die eventueel beroep kon doen op twee reserve-divisies, gestationeerd in het naburige Loker. De Britten hadden post gevat ten noorden van de Kemmelberg. Tussen 18 en 24 april werd de Duitse aanval op de Kemmelberg minutieus voorbereid. Niets werd aan het toeval overgelaten; alleen reeds door het overwicht aan manschappen mocht de verovering van de Kemmelberg ditmaal niet mislukken. In de vroege ochtend van 25 april startte de eigenlijke militaire actie. Vanuit de vallei van de Douve werden de Franse stellingen urenlang onophoudelijk met artillerievuur, granaten, gasbommen en kogels bestookt. Het grondleger genoot hierbij de steun van de luchtmacht. Daarna werd de heuvelflank, waarvan de natuurlijke vegetatie door het vuur verschroeid was, in een minimum van tijd stormenderhand ingenomen. Op enkele kleinere gevechten na was de operatie nog vóór het middaguur door de Duitsers met ‘succes’ voltooid. De zo begeerde heuvel was eindelijk veroverd. Het dorpje Kemmel, dat tot dan toe de materiële oorlogsschade had weten te beperken, was volledig verwoest. ’s Anderendaags werd een Frans tegenoffensief afgeslagen maar de Britten verhinderden de Duitsers andermaal naar Ieper door te stoten. Wel veroverden de Duitsers op 28 april het dorpscentrum van Loker, waar het gebouwenbestand eveneens zwaar toegetakeld werd. Hun opzet om van hieruit ook de andere toppen van de centrale heuvelkam ten westen van de Kemmelberg – nl. de Zwarteberg, de Rodeberg en de Scherpeberg – onder controle te krijgen en zodoende hun frontpositie te versterken, mislukte echter. Eind april 1918 was het grootste gedeelte van de huidige fusiegemeente Heuvelland door de Duitsers bezet. Enkel Westouter en De Klijte alsook het noordelijk gedeelte van Loker en Kemmel bleven in handen van de geallieerden wat echter niet belette dat ze van bombardementen en beschietingen gespaard bleven. Bij het einde van de slag om de Kemmelberg luidde het verdict in het Franse kamp: 5.379 doden in de 28ste divisie en 5.119 slachtoffers in de 154ste divisie; 8.200 Franse soldaten werden krijgsgevangen gemaakt. Maar ook de Duitse bataljons in de vuurlijn waren tot meer dan de helft van hun oorspronkelijke getalsterkte gereduceerd. "Den Engel" van het monument kijkt treurig uit over het Franse massagraf en het slagveld.